Art. 75 Wet BIG
Je kunt een beslissing van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg alleen nog aanvechten met cassatie in het belang der wet, niet met een gewoon beroep.
Wat dit voor jou betekent
Als het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een beslissing neemt, is dat bijna het einde van de tuchtzaak. Je hebt dan geen recht op een gewoon hoger beroep. De enige mogelijkheid die de wet noemt is cassatie in het belang der wet. Dat is een bijzondere procedure bij de Hoge Raad.
Bij cassatie in het belang der wet kijkt de Hoge Raad of het tuchtcollege de wet goed heeft toegepast. De Hoge Raad kan de beslissing vernietigen als die niet klopt met de wet. Maar de Hoge Raad bekijkt de feiten van jouw zaak niet opnieuw. Het gaat vooral om de uitleg van de wet.
De Hoge Raad heeft dit artikel de laatste jaren een paar keer gebruikt. Zo was er een zaak over een tuchtcollege dat niet onpartijdig leek. Ook ging het over het recht van een patient om een medisch advies in te zien. En er was een zaak over een euthanasieverklaring. In een andere zaak verklaarde de Hoge Raad een beroep niet-ontvankelijk omdat het niet aan de eisen van dit artikel voldeed.
Wanneer kom je dit tegen?
- • Je hebt een klacht ingediend tegen een zorgverlener en het Centraal Tuchtcollege heeft daarover beslist. Je wilt tegen die beslissing in beroep, maar dat kan alleen via cassatie in het belang der wet. Je bent een zorgverlener en je hebt een tuchtmaatregel gekregen van het Centraal Tuchtcollege. Je wilt die maatregel laten toetsen door de Hoge Raad.
Waar mensen op vastlopen
De valkuil is dat je denkt dat je nog naar een gewone rechter kunt. Dat is niet zo. Een gewoon beroep tegen een beslissing van het Centraal Tuchtcollege wordt niet behandeld. Je moet cassatie in het belang der wet vragen, en dat mag alleen als je precies uitlegt waarom de wet verkeerd is toegepast. Als je dat niet goed doet, verklaart de Hoge Raad je beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitleg is door Rechtswijs geschreven op basis van de wettekst en de uitspraken hieronder, en gecontroleerd op verwijzingen naar wetsartikelen die er niet zijn. Hij vervangt geen advies over jouw eigen situatie.
De rechter heeft dit artikel in 5 gepubliceerde uitspraken toegepast, de meest recente op 17-1-2025.
Wat er in de wet staat
Tegen een beslissing van het centrale tuchtcollege staat geen andere voorziening open dan cassatie in het belang der wet. 1993 655 23-12-1993 11-11-1993 19522 1997 553 27-11-1997 19-11-1997 01-12-1997
Bron: wetten.overheid.nl. Dit is de geldende tekst zoals wij hem hebben opgehaald. Controleer bij twijfel altijd de officiële versie.
De meest recente uitspraken
Een lid-beroepsgenoot van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg mag worden gewraakt als hij deelneemt aan dezelfde professionele werkgroep als een aangeklaagde, zelfs zonder directe banden. De Hoge Raad bevestigt dat dit een objectief aanknopingspunt vormt voor de schijn van partijdigheid, waardoor de onpartijdigheid van het college in twijfel kan worden getrokken.
ECLI:NL:HR:2025:87De Hoge Raad beslist dat een patiënt geen recht heeft op inzage in een medisch advies dat is opgesteld door een arts in opdracht van een ziekenhuisverzekeraar, omdat het advies geen handeling op het gebied van de geneeskunst is volgens art. 7:446 BW. Het inzagerecht uit de Wgbo is daarom niet van toepassing.
ECLI:NL:HR:2023:1670De Hoge Raad vernietigt de tuchtrechtelijke beslissing van het CTG omdat het te strikt was geweest in de interpretatie van een schriftelijke euthanasieverklaring van een demente patiënt. De arts mocht op basis van een redelijke uitleg van de verklaring handelen, ook al was deze onduidelijk. De tuchtrechter mag zelfstandig oordelen over zorgvuldigheid, niet blindelings volgen op het oordeel van de RTE.
ECLI:NL:HR:2020:713Een beroep tegen een tuchtbeslissing van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg is niet-ontvankelijk indien het niet voldoet aan de eisen van artikel 75 Wet BIG, wat betekent dat alleen cassatie in het belang der wet toegestaan is.
ECLI:NL:HR:2016:728Een plastisch chirurg klaagt een collega-arts aan omdat deze als lid-geneeskundige heeft meegewerkt aan een tuchtuitspraak waarbij de klager zelf een berisping had gekregen. De klager stelt dat de collega-arts onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn verweer en wetenschappelijke onderbouwing, waardoor zijn reputatie als zorgverlener onterecht is geschaad. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klager niet-ontvankelijk omdat het oordelen over een collega-arts geen handelen is in verband met de individuele gezondheidszorg en een tuchtcollege niet kan toetsen of een eerdere tuchtuitspraak inhoudelijk juist was.
ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0519Jouw situatie
Wat betekent dit artikel in jouw geval?
Een wetsartikel zegt pas iets als je het naast je eigen papieren legt. Stel je vraag aan Rechtswijs, dan zoeken we de bepalingen en uitspraken erbij die bij jouw situatie horen, en laten we zien waar het antwoord vandaan komt.
Gratis je vraag stellenDeze pagina is samengesteld uit openbare bronnen: de wettekst van wetten.overheid.nl en gepubliceerde uitspraken van rechtspraak.nl. De samenvattingen per uitspraak zijn door Rechtswijs gemaakt en kunnen nuance missen; de uitspraak zelf is altijd leidend. Dit is geen juridisch advies.